Rechten en plichten

Als patiënt van het Röpcke Zweers Ziekenhuis heeft u een aantal rechten en plichten. Deze rechten en plichten zijn wettelijk geregeld, in de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO). Hieronder vindt u informatie over een aantal van deze rechten en plichten.

Identificatieplicht in de zorg
Als u medische zorg nodig heeft, moet u een geldig identiteitsbewijs laten zien aan de zorgverlener.  De legitimatieplicht in de zorg geldt voor iedereen, dus ook voor minderjarigen jonger dan 14 jaar. U kunt zich identificeren bij een zorgverlener middels een geldig Nederlands paspoort, identiteitskaart, rijbewijs of vreemdelingendocument.

Recht op goede informatie
Uw zorgverlener is verplicht u in begrijpelijke taal te informeren over:

  • uw ziekte of aandoening;
  • de aard van de voorgestelde behandeling of het onderzoek;
  • andere behandelingsmogelijkheden;
  • de gevolgen of de eventuele risico’s van de behandeling of het onderzoek;
  • de medicijnen en eventuele bijwerkingen.

De hulpverlener heeft de plicht om u - als u patiënt bent - informatie te geven. Op welke wijze dat gebeurt verschilt van mens tot mens. Precieze regels hiervoor zijn er niet. Het kan voorkomen dat de informatie niet meteen duidelijk is. Stel dan gerust vragen en maak duidelijk wat u precies wilt weten. In veel gevallen krijgt u ter aanvulling een folder over uw aandoening of de behandeling mee. U kunt de informatie dan thuis nog eens rustig doorlezen. Heeft u geen folder gekregen vraag er dan naar of bekijk ze hier digitaal via de website.

Contactpersoon
Wettelijk gezien heeft alleen de patiënt recht op informatie over zijn/haar zorgproces. Echter bij opname wordt er wel gevraagd naar een contactpersoon. Een contactpersoon is iemand die de patiënt tijdens de opname in het ziekenhuis begeleidt en ondersteunt. Dit wordt vastgelegd in het patiëntendossier. Voor praktische zaken (was, vervoer, etc.) is het prettig een contactpersoon aan te wijzen. In de praktijk blijkt dat de patiënt niet altijd in staat is om informatie goed te begrijpen en/of niet zelfstandig beslissingen kan nemen. Wij zullen de patiënt om toestemming vragen of informatie over ziekte en welbevinden aan de contactpersoon gegeven mag worden. Ook dit wordt vastgelegd in het patiëntendossier. De contactpersoon is aanspreekpunt voor zowel familie en naasten als ook voor de verpleging en de artsen.

Toestemmingsvereiste
De informatie over het onderzoek en de behandeling is nodig om toestemming voor een bepaalde behandeling te kunnen geven. U mag alleen behandeld worden met uw toestemming. Als u bedenktijd nodig heeft, geef dit dan bij de hulpverlener aan. Uiteindelijk beslist u zelf of u wel of niet wordt behandeld. Wanneer u alle informatie heeft gekregen en begrepen, kunt u beslissen of u de voorgestelde behandeling wilt. De hulpverlener moet uw beslissing respecteren.

Wordt altijd om toestemming gevraagd?
Wanneer sprake is van een ingrijpende behandeling zal de hulpverlener uitdrukkelijk uw toestemming vragen. Bij minder ingrijpende behandelingen wordt niet altijd toestemming gevraagd, maar kan uw toestemming blijken uit uw gedrag.

Kan ik mijn toestemming intrekken?
Nadat u uw toestemming heeft gegeven, kunt u altijd van mening veranderen en alsnog uw toestemming intrekken. In dat geval zoekt u samen met de hulpverlener naar een andere behandeling. U kunt ook van een behandeling afzien.

Wat als ik niet in staat ben toestemming te geven?
In acute situaties mag worden gehandeld zonder dat u uw toestemming heeft gegeven. Als u niet in staat bent om toestemming te geven, bijvoorbeeld door ziekte of een beperking, wordt toestemming gevraagd aan uw vertegenwoordiger. 

Vertegenwoordiging
De wet geeft een regeling voor vertegenwoordiging van patiënten die niet zelf kunnen beslissen. Dit kan ook tijdelijk zijn. Soms is er een curator of mentor aangewezen of heeft een patiënt zelf iemand tot vertegenwoordiger benoemd. In die gevallen is dat de vertegenwoordiger met wie de arts zal overleggen over de behandeling. Vaak is er geen schriftelijk of door de rechter benoemde vertegenwoordiger. In dat geval betrekt de arts een naaste bij de besluitvorming over u. In eerste instantie is dat de levenspartner. Als die er niet is een ouder, kind, broer of zuster. Mogelijk wil degene die wordt benaderd niet de rol van vertegenwoordiger op zich nemen. Dan zal de hulpverlener een ander binnen de kring van naasten zoeken. Soms komen er meerdere personen voor de rol van vertegenwoordiger in aanmerking. In dat geval zal één persoon daarvoor worden aangewezen.

Op welke wijze moet de vertegenwoordiger beslissen?
De vertegenwoordiger neemt besluiten voor de patiënt op die momenten dat de patiënt dat zelf niet kan. Hij moet dan die beslissingen nemen, die het meest in het belang van de patiënt zijn of zoals hij denkt dat de patiënt zelf zou hebben besloten.

Minderjarigen

  • Kinderen tot twaalf jaar

Kinderen onder de twaalf jaar mogen niet voor zichzelf beslissen. Dat doen hun ouders of voogd. Aan jonge kinderen moet wel op een begrijpelijke manier worden verteld wat er met hen gaat gebeuren.

  • Kinderen van twaalf tot zestien jaar

Kinderen tussen de twaalf en zestien jaar zijn over het algemeen goed in staat hun situatie te overzien en een eigen mening te hebben. Daarom is voor een behandeling toestemming van zowel de ouders als het kind nodig. Wanneer deze het niet met elkaar eens zijn en het kind blijft bij zijn mening, zal de hulpverlener in principe doen wat het kind vraagt als dit overeenkomt met zijn beroepsregels.

  • Kinderen vanaf zestien jaar

In de wet worden kinderen vanaf hun zestiende jaar gelijk gesteld met volwassenen. Zij mogen dus voor zichzelf beslissen. Instemming van de ouders is niet nodig. De ouders krijgen ook geen informatie meer over hun kind als deze daar geen toestemming voor geeft.

U vindt aanvullende informatie in de folder ‘Patiëntenrechten ouders en kind’.

Beroepsgeheim en privacy
Als patiënt heeft u recht op bescherming van uw persoonlijke gegevens. U moet er vanuit kunnen gaan dat alles wat u met uw hulpverlener bespreekt geheim blijft. Hulpverleners moeten vertrouwelijk met uw gegevens omgaan. Alleen de personen die betrokken zijn bij de behandeling zijn op de hoogte van uw situatie. Informatie mag niet worden doorgegeven aan bijvoorbeeld uw partner, familie of vrienden. Dat mag alleen met uw toestemming. Het recht op privacy houdt nog meer in. Medische handelingen moeten worden uitgevoerd zonder dat anderen dat kunnen zien. Ook kunt u vragen om in een aparte ruimte een gesprek met uw behandelend arts te voeren. In het algemeen geldt dat uw privacy zoveel mogelijk moet worden gerespecteerd.

Ook de artsen, medewerkers, andere patiënten en bezoekers hebben recht op privacy. Binnen de Saxenburgh Groep is het daarom niet toegestaan om zonder toestemming foto’s, filmopnames en geluidsopnamen te maken. In het algemeen geldt dat uw privacy zoveel mogelijk moet worden gerespecteerd. Voor meer informatie over klachtenbehandeling kunt u de folder downloaden of de pagina over klachten bekijken.

Als patiënt heeft u behalve rechten natuurlijk ook plichten. U moet de hulpverlener duidelijk en volledig informeren, zodat deze een goede diagnose kan stellen en een deskundige behandeling kan geven. U dient binnen redelijke grenzen de adviezen van de hulpverlener op te volgen. Tenslotte moet u de hulpverlener of de instelling waar deze werkt, betalen. In Nederland moet iedereen daarvoor verplicht een zorgverzekering afsluiten.