Onderzoeken

Het zorgpad longkanker bestaat uit een aantal vervolgstappen. Patiënten met klachten die kunnen wijzen op longkanker, worden na het maken van een röntgenfoto, verwezen naar de longarts. Indien op deze foto 'een vlekje' op de longen wordt gezien, is vaak verder onderzoek nodig. Deze verwijzing gaat via uw huisarts of uw specialist en u krijgt een afspraak op de polikliniek Longziekten.

De assistente van de longarts regelt in eerste instantie dat u zo snel mogelijk en binnen maximaal 5 werkdagen op de polikliniek gezien wordt. De longarts stelt u vragen over uw gezondheidstoestand en doet een lichamelijk onderzoek. Tevens bespreekt de arts met u de uitslag van de onderzoeken die tot nu toe zijn gedaan. Daarna krijgt u uitleg over de onderzoeken die nog volgen en wat de reden hiervoor is. De assistente maakt voor u de afspraken voor de vervolgonderzoek en voor een 2e bezoek aan de longarts.

Binnen  2 weken vinden een aantal vervolgonderzoeken plaats, zoals bijvoorbeeld:

  1. Laboratorium onderzoek

  2. CT-scan (Computer Tomografie) van de longen: hierbij worden meer gedetailleerde röntgenfoto’s gemaakt waarop de afwijking beter in beeld wordt gebracht

  3. A) Bronchoscopie: dit is een kijkonderzoek van de luchtwegen, waarbij met behulp van een flexibel slangetje (bronchoscoop) in de long kan worden gekeken. Vaak wordt er pa materiaal (hapjes weefsel van de tumor) afgenomen voor onderzoek door de patholoog. Dit is om zo zeker mogelijk te zijn van de diagnose.

    B) Percutane longpunctie; dit is een onderzoek waardoor door de huid heen met de naald een stukje weefsel uit de long of longvliezen wordt gehaald. Vaak wordt er pa materiaal (hapjes van de tumor) afgenomen voor onderzoek door de patholoog.

    C) Longfunctieonderzoek; Dit onderzoek geeft duidelijkheid over de werking en de inhoud van uw longen.

  4. PET-scan (Positron Emissie Tomografie) van de longen: hierbij worden opnames gemaakt van het hele lichaam. Bij dit onderzoek wordt een radioactieve stof in het lichaam gespoten, die wordt opgenomen door kwaadaardige cellen. Dit is op de opnames te zien. Hiermee kan dus een beeld worden gevormd of een longafwijking kwaadaardig is en tegelijk of er eventueel uitzaaiingen zijn in het lichaam. Dit onderzoek gebeurt in de Isala te Zwolle.

  5. EBUS of EUS is een onderzoek om weefsel te verkrijgen van klieren die zich tussen de longen bevinden. Zo kan de longarts een diagnose stellen, of wanneer er al een diagnose is, beoordelen in hoeverre de ziekte is uitgebreid. Een EBUS is een endoscopische echografie vanuit de luchtpijp. Een EUS is een endoscopische echografie vanuit de slokdarm. De endoscoop is een flexibele slang met een klein echo-apparaatje dat geluidsgolven uitzendt. De geluidsgolven worden teruggekaatst en zo kan de arts de klieren en het weefsel daarom heen in beeld brengen. Ook kan hij dan weefsel wegnemen wat onderzocht kan worden door de patholoog.Deze onderzoeken vinden plaats in de Isala te Zwolle.

Deze onderzoeken zijn nodig om te weten te komen of  u in goede conditie bent om eventueel geopereerd te worden. Of er eventueel ook uitzaaiingen zijn.